Schminkles

Op zoek naar m’n pantoffels vind ik behalve een flinke lading stof ook een paar confettisnippers onder ’t bed. Het duurt even voor ik het weer weet. Dan laat de gedachte aan carnaval me lachen.

“Maandag moet je het zelf doen, dus let goed op!” grap ik terwijl ik de derde dag op rij van Erwin met kohlpotlood en lipliner een piraat probeer te maken. Mijn gekwast en geveeg levert behalve een slap aftreksel van Jack Sparrow veel vragen op: “Wat is dat voor potlood?” en “Wat doe je met die witte doekjes?” Ik leg uit dat ’t oogpotlood zorgt voor de junkielook en dat na meerdere biertjes een veeg lipliner wel iets van gestold bloed wegheeft.

Als ik een paar uur heb geslapen word ik maandagnacht met een “Hoi schatje, ik ben weer thuis” wakker. Ziet er best acceptabel uit, bedenk ik voor ik weer in slaap val. Amper vier uur later gaat de wekker en blijkt hoeveel m’n lief van de schminkles heeft opgestoken.

Ik wrijf de slaap uit m’n ogen en zie een vreemde donkere vlek op de grond. Met een hond die het liefst rotzooi eet en een kat die graag op van alles kauwt, vind je nog wel eens iets raars op de grond. Al chagrijnig omdat er niemand anders is op wie ik het opruimen kan afschuiven, stap ik mijn bed uit en kijk nog eens naar de vlek bij m’n voeten. Wat zou het zijn?

Het antwoord komt van rechtsachter, de meest onverwachte hoek, als Erwin met een stem die 4 dagen feesten verraadt “Liefste, dat is oogpotlood.” zegt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *