Meer voelen

Ze scharrelt wat heen en weer tussen de rekken met ansichtkaarten. Steeds pakt het oude vrouwtje een kaart en kijkt ze er even naar. Om de kaart vervolgens weer in het rek te zetten. Onder haar rode montuur door bekijkt ze iedere kaart goed. Na een paar minuten staat ze met een kaart in iedere hand wat zoekend om zich heen te kijken. Ik zie hoe ze probeert blikken te vangen van de mensen naast haar. Zij ziet dat ik dat zie en spreekt me aan. “Mevrouw, mag ik u iets vragen?” Mijn “Natuurlijk!” beantwoordt ze met “Wat fijn!” en ze laat me de twee kaarten zien.  “Meer voelen” verder lezen

Bobbel

Zo rond 08.15 uur ontdekte ik het, in de intercity Eindhoven-Den Haag. Toen ik opstond merkte ik ineens een bobbel op, net boven m’n linkerknieholte. In een vlaag van opmerkelijk reactievermogen en uitzonderlijke lenigheid wist ik de hipster van een dag eerder tussen “Dames en heren, over enkele minuten arriveren we op Den Haag Centraal” en “Let bij het uitstappen op tussen de ruimte tussen trein en perron” uit m’n spijkerbroek en in m’n tas te krijgen.  “Bobbel” verder lezen

Verwachtingsmanagement

“Voor dertig euro had ik toch echt meer verwacht! Nogal duur voor een beetje in de bubbels zitten en in de zon liggen!” Ik lig heerlijk aan de rand van het zwembad een beetje aan weinig en niks te denken, tot het getetter van de vrouw me uit m’n halve gedachten haalt. Meer mensen kijken in de richting van het bubbelbad. “Mag het wat zachter?” lijken ze te denken. De vrouw ziet het niet en tettert door tegen haar man. Of ze niet doorheeft dat het hele terras, het zwembad en de complete tien rijen met ligstoelen haar kunnen horen, of dat precies dat haar bedoeling is?  “Verwachtingsmanagement” verder lezen

Te veel


“Mevrouw, goed dat ik u tref! Mag ik u iets vragen?” Terwijl ik bedenk dat ik me het loopje naar de voordeur had kunnen besparen steekt  de jongen z’n verhaal al af. Ik hoor nog net “Wij zijn bezig met een recordpoging.” Daarna ben ik vooral bezig met het verzinnen van een goed excuus om zo snel mogelijk de voordeur weer dicht te kunnen doen. 

“Te veel” verder lezen

Handig en verstandig

“Moet je kijken hoe briljant, je kunt ‘m zelf in elkaar zetten!” Negen stukjes plastic buis die samen een hoepel kunnen worden, het leek me ontzettend handig om mezelf wat actiever te krijgen. Ik zag me al hoepelzwierend voor de tv staan en mikte het pakketje hoepel in m’n mandje. Vriendlief schudde z’n hoofd en wist wat ik nu ook weet: die hoepel gaat linea recta de kast in thuis en komt de kast pas uit als ik stop met mezelf wijsmaken dat ik er ooit iets mee doe. De kast uit voor een enkeltje kringloop.  “Handig en verstandig” verder lezen

Schminkles

Op zoek naar m’n pantoffels vind ik behalve een flinke lading stof ook een paar confettisnippers onder ’t bed. Het duurt even voor ik het weer weet. Dan laat de gedachte aan carnaval me lachen.

“Maandag moet je het zelf doen, dus let goed op!” grap ik terwijl ik de derde dag op rij van Erwin met kohlpotlood en lipliner een piraat probeer te maken. Mijn gekwast en geveeg levert behalve een slap aftreksel van Jack Sparrow veel vragen op: “Wat is dat voor potlood?” en “Wat doe je met die witte doekjes?” Ik leg uit dat ’t oogpotlood zorgt voor de junkielook en dat na meerdere biertjes een veeg lipliner wel iets van gestold bloed wegheeft.

Als ik een paar uur heb geslapen word ik maandagnacht met een “Hoi schatje, ik ben weer thuis” wakker. Ziet er best acceptabel uit, bedenk ik voor ik weer in slaap val. Amper vier uur later gaat de wekker en blijkt hoeveel m’n lief van de schminkles heeft opgestoken.

Ik wrijf de slaap uit m’n ogen en zie een vreemde donkere vlek op de grond. Met een hond die het liefst rotzooi eet en een kat die graag op van alles kauwt, vind je nog wel eens iets raars op de grond. Al chagrijnig omdat er niemand anders is op wie ik het opruimen kan afschuiven, stap ik mijn bed uit en kijk nog eens naar de vlek bij m’n voeten. Wat zou het zijn?

Het antwoord komt van rechtsachter, de meest onverwachte hoek, als Erwin met een stem die 4 dagen feesten verraadt “Liefste, dat is oogpotlood.” zegt.

Vanzelfsprekend

Wanneer ik het precies ontdekte weet het niet eens meer. Dat het een memorabel moment was, dat is zeker. Jarenlang keek ik er waarschijnlijk wekelijks naar en nooit had ik ’t door. De avonturen en wijsheden van de jolige teddybeer Winnie de Poeh hadden me al die tijd weten af te leiden van de fantastische woordspeling. Dat Iejoor een onomatopee is, had ik heus wel begrepen. Maar nog nooit heb ik aan iemand durven vragen: “Had jij als kind wél door dat Kanga en Roe samen Kangaroe zijn?” “Vanzelfsprekend” verder lezen

Op kamers

De witte Mini Cooper draait de hoek om, remt af en stopt aan de linkerkant van de weg. Net als ik me afvraag waarom iemand op die plek zou stoppen gaat het raampje van de auto open. Een vrouw van een jaar of vijfenveertig kijkt me vragend aan: “Hallo mevrouw! Onze zoon gaat hier op kamers wonen en we,” ze wijst naar de man naast haar, “zijn op zoek naar een cafetaria.”  “Op kamers” verder lezen

Verandering van spijs

Voor je het weet, sluipt het erin. Het is nog net niet woensdag gehaktdag en vrijdag visdag, maar na twee jaar samenwonen ontwikkel je hoe dan ook wat gewoontes met elkaar. En eten we inmiddels bijna elke twee weken een keer Mexicaanse wraps, zelfgemaakte goulash en pasta met gehaktballetjes, roomsaus en broccoli. Mijn voorliefde voor slagroom, crème fraîche, kaas en sausjes vaart er wel bij, mijn figuur iets minder. Tijd voor iets anders.  “Verandering van spijs” verder lezen